Van de regen in de drup

Een beetje vreemd bijbaantje had Joris het aanvankelijk wel gevonden. Maar bij het studenten-uitzendbureau hadden ze hem verzekerd dat er vaker studenten waren die dit baantje ‘erbij deden’.

Vrienden van Schaakgenootschap Zutphen hadden de nieuwe, part-time, doodgraver gewaarschuwd. Zodoende wist hij van het bestaan van het aloude trucje. Als doodgravers met z’n zessen de kist op de schouders nemen is er altijd wel een wat oudere kraai die op de kist tikt zodat de nieuweling denkt dat de ‘overledene’ nog leeft.

En ja hoor, toen ze zo’n tien meter van het graf verwijderd waren hoorde Joris wat tikjes die dan zogenaamd uit de kist moesten komen.

De jongeling bleef stoïcijns voor zich uitkijken en dacht ‘jullie kunnen me wat, ik laat me mooi niet in de maling nemen’. Weer hoorde hij het zachte kloppen dat uit de kist leek te komen. Hij aarzelde. Het leek toch echt of het geluid van vlak bij zijn oor kwam. Hoe kregen die oude schoften dát voor elkaar. Daar moest ‘ie toch eens naar vragen als ze straks in de wachtruimte samen een kopje koffie zouden drinken voordat ze de dooie van kwart over twee naar zijn laatste rustplaats zouden dragen.

Meneer van Gasteren was slechts minimaal bij zijn positieven. Hij kon zich ternauwernood herinneren wat er gebeurd was toen hij met zijn exotische slangen in de weer was geweest. Vaag kwam de gedachte bij hem op dat mensen nog steeds weinig wisten over de vreemde bijwerkingen die een beet van een gifslang kon hebben. Hij realiseerde zich dat hij op zijn rug lag. Maar waarom was het volledig donker? Hij schommelde een beetje. Lag hij in het ruim van een boot? Hij voelde zich nog steeds ongelooflijk zwak, maar met een uiterste krachtsinspanning tikte hij tegen iets rechts van hem. Een plank of zo.

Even zakte hij weg, maar een paar minuten later was er toch weer iets van een bewustzijn teruggekeerd. De boot bewoog niet meer. Hij dacht ‘misschien liggen we in een haven, of zo?’

Vlak voor zijn gezicht was er ook een plank. Het leek wel of het daarop begon te regenen. Steeds harder ging het regenen en het geluid werd steeds doffer. Steeds doffer. Tot het ophield. Daarna was het heel lang stil.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *